Interview met Carlie van Tongeren

Fotograaf: Bianca Toeps

Carlie van Tongeren is onder andere de schrijfster van ‘Heerestraat & Rozenlaan’, ‘het meisjesmanifest’ en ‘het zusje van’. Klik hier om mijn recensie van ‘het zusje van te lezen’. Hieronder kun je haar antwoorden om mijn vragen lezen:

Je hebt al meerdere boeken geschreven, is er een boek die je het leukst vond om te schrijven?

“Natuurlijk zijn al mijn boeken speciaal voor me; het zijn allemaal thema’s en personages die dicht bij me staan of die me raken. Maar als ik er toch eentje moet kiezen, dan denk ik dat ‘Heerestraat & Rozenlaan’ altijd nét een specialer plekje in mijn hart houdt. Omdat ik al zó lang droomde van Young Adult-boeken schrijven en ik met dit boek in 2018 EINDELIJK debuteerde bij uitgeverij Blossom Books. Ook heb ik in dit boek best wel wat persoonlijke dingen verwerkt van toen mijn eigen ouders gingen scheiden.”

Hoe start je met het schrijven van een nieuw boek? Schrijf je eerst ideeën op, of schrijf je het plot uit of…?

“Ik ben absoluut een plotter en denk heel veel van tevoren al uit. Deze periode duurt daarom ook best wel lang bij mij, terwijl het ‘echte’ schrijven daarna een stuk sneller kan gaan. Eerst moet mijn hoofd leeg zijn, zodat er ideeën kunnen komen. Dat lukt niet als ik heel druk ben. Daarna schrijf ik het idee dat blijft hangen uit tot een synopsis van twee of drie A4’tjes. Daarin beschrijf ik al heel veel dingen: de belangrijkste personages, de verhaallijn en ook al het einde. Tijdens het schrijven bedenk ik natuurlijk weleens dat het toch anders gaat omdat dat beter past, en ik verzin allerlei leuke details, plekken, dialogen etc. om het verhaal helemaal tot leven te wekken. Maar de grote lijnen heb ik dan al.”

Waar werk je nu aan? Kun je daar alvast wat over vertellen?

“Ik werk nu aan een nieuwe YA voor Blossom Books en dat wordt weer een ‘dikker’ boek, zoals ‘Heerestraat & Rozenlaan’ en ‘Het meisjesmanifest’. Ik zit nu rond de 25.000 woorden en het duurt nog wel even voordat het af is, dus heel veel kan ik er nog niet over vertellen… Behalve dat de hoofdpersoon in haar eentje op reis gaat. Dat heb ik zelf 2x gedaan (niet toen ik 18 was, zoals mijn hoofdpersoon, maar ‘pas’ toen ik 23 en 26 was) en dat waren zulke fantastische ervaringen, zoveel van geleerd over de wereld en mezelf, dat ik altijd dacht: daar wil ik nog eens een boek over schrijven!”

Het zusje van’ is een novelle. Wat vind je fijner om te schrijven: een novelle of een ‘gewoon’ boek? 

“Dit is de eerste Blossom Books Shortie en het was ook voor mijzelf de eerste keer dat ik een novelle schreef, dus dat vond ik vooraf best spannend… Ik heb er echt heel veel plezier aan beleefd om dit kortere verhaal te schrijven! Ik heb ook ambities als scenarioschrijver en zo’n shortie voelt voor mij als de ideale kruising tussen scenarioschrijven en een boek schrijven. De hoofdstukken in ‘Het zusje van’ zag ik allemaal als scènes, die het ook zouden halen als je het zou bewerken naar een film. In een novelle is alle ‘ruis’ eruit, alles moet nog meer een functie hebben dan in een dikker boek. Aan de andere kant vind ik wel dat het verhaal voldoende diepgang moet hebben. Ik ben zelf helemaal overtuigd van de shorties en wil er dolgraag nog eentje schrijven, hopelijk volgend jaar.”

Wanneer ben je begonnen met schrijven? 

“Ik schrijf al van jongs af aan. Mijn eerste verhaaltjes en mini-scenario’s schreef ik op mijn 7e en ik ben nooit meer opgehouden. Ik schreef de eerste tijd op een oude typemachine die we van mijn opa hadden gekregen; dan kon ik gezellig in de woonkamer schrijven in plaats van boven, waar onze enige computer stond. Ik schreef altijd meer scenario’s (of eigenlijk: ellenlange dialogen) dan verhalen. In de puberteit schreef ik drie jaar lang aan mijn eigen soapserie, zoiets als GTST maar dan voor jongeren. Geweldige uitlaatklep, ook omdat ik de dialogen altijd hardop oefende achter de computer haha! Pas toen ik was afgestudeerd (in 2007) begon ik echt met langere verhalen schrijven en in 2011 werd dat mijn eerste feelgoodroman voor volwassenen ‘Pasta & passie’.”

En waarom ben je begonnen met schrijven?

“Poeh, lastige vraag! Ik kan dat niet goed uitleggen, omdat het een gevoel is. Het is wat ik het liefste doe, iets wat me zo natuurlijk afgaat dat ik ervan in een flow raak. Ik vind het geweldig om naast mijn eigen leven ook nog allemaal andere ‘levens’ te kunnen leiden, via de personages in mijn verhalen. Het allerliefst schrijf ik dialogen. In het echte leven ben ik niet altijd zo ad rem; ik ben zo iemand die als ik naar huis toe rijd, bedenk: oh, dát had ik moeten zeggen! Maar ja, dan is het dus te laat. In mijn scenario’s en boeken kan ik mijn personages wél op het juiste moment de perfecte dialoogzin uit laten spreken en dat vind ik echt heerlijk.”

Welk genre boeken lees je zelf?

“Sinds ik begon aan mijn eerste YA-manuscript (in 2013, wat later ‘Heerestraat & Rozenlaan’ is geworden) lees ik bijna alleen maar YA. Het liefst ook YA contemporary, zoals ik zelf schrijf, maar soms ook YA-thrillers om weer andere dingen van te leren (bijv. spanningsboog). Tussendoor lees ik vaak ook een non-fictieboek over een onderwerp waarin ik me persoonlijk wil verdiepen, of een biografie/persoonlijk verhaal van iemand die me inspireert. Voor de afwisseling lees ik wel een paar keer per jaar boeken voor volwassenen, literatuur of feelgood meestal.”

Welke schrijftip zou jij aan anderen willen geven?

“Schrijven is echt kilometers maken, dus: oefenen, oefenen, oefenen. Ik heb nu een paar boeken uitgegeven, maar ik leer nog steeds en zie in mijn eerste boeken ook dingen die ik nu anders zou hebben gedaan… Het is fijn als je het van jezelf ook als leerproces mag zien. Als je te perfectionistisch bent, blokkeer je, is mijn ervaring. Ik heb bijvoorbeeld eerst jarenlang doktersromans geschreven, niet omdat dat nou mijn droom was, maar omdat ik zo wel ervaring kon opdoen in verhalen die ook echt gepubliceerd werden. En ook: lezen, lezen, lezen. Hoe pakken andere schrijvers het aan? Wat vind je leuk en minder leuk aan hun boeken en schrijfstijl? Ik herlees ook boeken in mijn eigen genre die ik echt heel goed vind; als je de verhaallijn eenmaal kent, kun je je concentreren op de details/elementen die je zo mooi vindt of zie je beter hoe de schrijver het verhaal heeft opgebouwd. Dit doe ik trouwens ook bij films of series die ik zelf graag had willen schrijven: die kijk ik minstens drie keer.”

Is er nog iets anders dat je kwijt wilt?

“Misschien weten jullie het al, maar mijn nieuwste boek ‘Het zusje van’ is genomineerd voor de Jonge Jury Prijs 2021 en ik zou natuurlijk heel graag willen winnen! Dus: heb jij ‘Het zusje van’ gelezen en vind je dat mijn boek die prijs verdient? Dan maak je me heel blij met je stem (stemmen kan nog tot 3 mei via https://jongejury.nl/stemmen/) :)”

2 reacties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s